|
ir. Henk Blaauw, Manager Binnenvaart bij MARIN | Vervoer over het water is een schone zaak. Het scoort het beste wat betreft de uitstoot van broeikasgassen in vergelijking tot de overige vervoersmodaliteiten. Duidelijk is dat er nog veel te winnen valt. Niet alleen de transportsector is hierbij gebaat, maar ook de maatschappij in zijn geheel. |  | | Om enerzijds een gezonde exploitatie van de schepen mogelijk te maken en anderzijds de belasting van het milieu door de binnenvaart te verminderen zijn de volgende drie aspecten van belang: |
- Het bevorderen van het vervoer over water - door de concurrentiekracht van de binnenschepen te vergroten kan er meer vervoer over water plaatsvinden
- Het zo duurzaam mogelijk omgaan met brandstof - langs deze weg kan voor zowel de bestaande vloot als de nieuwe schepen het milieu minder belast worden
- Het stimuleren van de veiligheid van het vervoer over water
Bij projecten waarmee je de positie van de binnenvaart wilt versterken is het van groot belang dat zij gedragen worden door het bedrijfsleven. Het is de kunst om per project, groot of klein, de juiste partners bijeen te krijgen om gewenste veranderingen met succes te kunnen doorvoeren. Juist hier speelt de EICB een belangrijke rol: ze beweegt immers op het snijvlak van overheid en georganiseerde binnenvaart. Daarmee is zij, als geen ander, in staat om vraag en aanbod van innovaties in de binnenvaart te koppelen. Deze belangrijke taak van het EICB is vooral gebaseerd op de kennis die zij hebben van de wensen en verlangens van de reders en schipper-eigenaren in de binnenvaart. Dit naast hun kennis over de doelstellingen van het Subsidieregeling Innovatie Binnenvaart (SIB). Zo kan het EICB haar makelaarsfunctie optimaal vervullen. Het EICB moet meedenken en de weg wijzen om de kennis en ervaring van aanbieders van innovatieve ontwikkelingen maximaal voor de binnenvaart in te zetten. Hoe kunnen de geschetste doelstellingen worden bereikt? Op de eerste plaats kan de modal shift worden gestimuleerd. Met haalbaarheidsstudies kan worden aangetoond dat het inzetten van schepen in bepaalde logistieke ketens concurrerend mogelijk is. Mede op basis van deze activiteiten kan de binnenvaart zijn werkgebied uitbreiden en komen tot nieuwe concepten. Deze concepten geven impulsen aan de bedrijfstak in zijn geheel en dragen zo bij aan een versterking van de positie van de binnenvaart. De positie van de binnenvaart kan verder worden versterkt door het brandstofverbruik te verminderen. Vanzelfsprekend wordt op deze wijze ook de uitstoot verlaagd. Vermindering van het brandstofverbruik is immers goed voor de exploitatie, maar ook voor het milieu. Wat betreft de uitstoot van andere stoffen dan CO2 moet de binnenvaart het op dit moment nog afleggen tegen het wegvervoer. Er zal in de komende jaren veel tijd en aandacht nodig zijn om de binnenvaart ook op dit punt concurrerend te krijgen. Tot slot is de veiligheid een belangrijk aspect. Zowel voor de mensen aan boord maar ook voor de omwonenden van havens en vaarwegen. Een schone en veilige afwikkeling van het transport is immers in het belang van ons allen. De EICB heeft een belangrijke functie in het kunnen bereiken van deze doelstellingen: een competitieve, schone en veilige binnenvaart.
|